Ga naar de vernieuwde website van Advocaten.nl

Problematische schulden
(Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen)


Inleiding: Is door een samenloop van omstandigheden een problematische schuld ontstaan, dan staan verschillende wegen open om tot een oplossing te komen. Het belangrijkste en meest voorkomende hulpmiddel daarbij is een akkoord tussen schuldenaar en schuldeisers over gehele of gedeeltelijke aflossing van de schulden. In deze folder treft u meer informatie aan over het akkoord. Een akkoord is de moeite waard


inhoud

 

Onderhands

In de meeste gevallen vormt de zogenaamde minnelijke regeling het startpunt van een schuldsanering. Doel daarvan is een onderhands akkoord te sluiten tussen schuldeisers en schuldenaar over gedeeltelijke of volledige aflossing van de schulden. Om zo=n onderhands of minnelijk akkoord te bereiken kan een schuldenaar aankloppen bij een schuldhulpverlener. Deze helpt hem de situatie in kaart te brengen, te berekenen welk bedrag hij nodig heeft om van rond te komen en welk bedrag hij gedurende drie jaar kan opsparen voor aflossing. Hiervoor zijn beproefde standaardmethodes beschikbaar. Vervolgens krijgen de schuldeisers een voorstel. Vaak is dit een percentageaanbod tegen finale kwijting. De schuldeisers krijgen met andere woorden een deel van de vordering uitbetaald en schelden het restant dan kwijt. Aanvaarden ze dat voorstel, dan is sprake van een minnelijk akkoord. Als de schuldenaar de gemaakte afspraken nakomt, is hij na verloop van de overeengekomen looptijd schuldenvrij.

In sommige gevallen is een saneringskrediet mogelijk. Een gemeentelijke krediet- of andere bank leent dan aan de schuldenaar het bedrag dat hij gaat aflossen. De schuldeisers krijgen meteen hun geld en de schuldenaar hoeft alleen nog maar gedurende drie jaar de lening af te lossen.

Wettelijke schuldsanering

Schuldeisers hebben de vrijheid het minnelijk akkoord af te wijzen, bijvoorbeeld omdat ze de aangeboden aflossing te laag vinden of omdat ze vinden dat de schuldenaar geen gedeeltelijke kwijtschelding verdient.

In dat geval kan de schuldenaar bij de rechtbank een verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsanering (Wsnp) indienen. Bij de beoordeling van het verzoekschrift hoort de rechtbank de schuldeisers niet, maar beoordeelt zij aan de hand van een aantal wettelijk verplichte bijlagen de situatie. Daarbij is onder meer van belang of een minnelijk akkoord daadwerkelijk is aangeboden en afgewezen. Is dat niet het geval, dan kan de rechtbank de schuldenaar vragen alsnog een minnelijk akkoord aan te bieden.

Wijst zij het verzoek toe, dan volgt eveneens (meestal) een periode van drie jaar waarin de schuldenaar zoveel mogelijk geld beschikbaar stelt voor aflossing. Een door de rechtbank benoemde bewindvoerder ziet toe op de gang van zaken. Na afloop van deze periode wordt eerst een deel van de kosten voor de schuldsanering uit het opgespaarde bedrag betaald. Pas daarna volgt uitdeling aan de schuldeisers. Tot de genoemde kosten horen onder meer een salaris, porto- en reiskosten van de bewindvoerder.

Wat overblijft (de afloscapaciteit) is meestal niet genoeg om de schulden helemaal te betalen. De schuldeisers kunnen het restant van de vordering echter niet meer innen.

Minnelijk akkoord voordeliger

In de regel is de aflossing aan schuldeisers in de wettelijke regeling lager dan bij een minnelijk akkoord. Zij hebben er dus baat bij in te stemmen met een minnelijke regeling. Maar ook voor de schuldenaar is een minnelijk akkoord aantrekkelijker. In de wettelijke regeling wordt namelijk zijn naam gepubliceerd en wordt een bewindvoerder benoemd die controleert of alles correct verloopt, toestemming moet geven voor bepaalde handelingen en die alle post van de schuldenaar krijgt en leest.

Akkoord belangrijk

Komt het toch tot een wettelijke schuldsanering, dan kunnen schuldeisers en schuldenaar alsnog een akkoord sluiten. De schuldenaar kan dat voor en na de verificatievergadering aanbieden. Stemmen de schuldeisers nu wel in, dan eindigt de schuldsanering, hetgeen voor alle betrokkenen alsnog de bovengenoemde voordelen van een akkoord oplevert.

Maar waarom zouden schuldeisers een minnelijk akkoord afwijzen en datzelfde akkoord in de Wsnp wel aanvaarden? Daar kunnen verschillende redenen voor zijn. Misschien hebben ze een minnelijk akkoord alleen maar afgewezen in de verwachting dat de rechtbank de schuldenaar niet zou toelaten tot de Wsnp. Ze zouden dan via beslag op loon of uitkering een hogere terugbetaling kunnen krijgen. Blijkt dat een misrekening te zijn en wordt de schuldenaar wl tot de Wsnp toegelaten, dan ligt het voor de hand dat ze toch liever alsnog instemmen met het akkoord. Dat is dan immers voordeliger dan een wettelijke schuldsanering.

Tevens is denkbaar dat de meeste schuldeisers instemmen met een minnelijk akkoord, maar een weigerachtige crediteur het aanbod afwijst. In dat geval komt de minnelijke regeling niet tot stand. Wordt hetzelfde akkoord tijdens de schuldsanering aangeboden, dan is de kans op succes daar veel groter. De regels voor aanvaarding van het akkoord zijn soepeler dan bij de minnelijke regeling. De meerderheid van de schuldeisers beslist en in sommige gevallen kan de rechter zelfs een weggestemd akkoord toch nog afdwingen. De schuldeisers die van meet af aan al voorkeur hadden voor deze oplossing, kunnen die langs deze weg alsnog bereiken.

In de regel is het akkoord tijdens de Wsnp hetzelfde als de aangeboden minnelijke regeling. Voor schuldeisers en schuldenaar ligt dus hier een extra reden om altijd een minnelijk akkoord op te stellen en aan te bieden. Alleen als dit gebeurt, kan een voordelig minnelijk akkoord tot stand komen. Gebeurt dat niet, dan is het des te gemakkelijker om dit bestaande voorstel tijdens de Wsnp nogmaals aan te bieden.

Hulp

Soms blijkt het om een of andere reden onmogelijk te zijn om in de minnelijke regeling een akkoord op te stellen en aan te bieden. Dan blijft het toch de moeite waard een akkoord in de wettelijke regeling na te streven.

De wet stelt dat de schuldenaar hierbij het voortouw moet nemen. In de meeste gevallen zal hij zelf geen akkoord kunnen opstellen. Hij kan dan ondersteuning vragen bij de bewindvoerder, nogmaals aankloppen bij een schuldhulpverlener of hulp vragen bij een Bureau Rechtshulp.

Meer informatie

Meer informatie over de minnelijke en wettelijke regeling is te vinden in de   folders: links

Deze zijn te ook krijgen bij de gemeentelijke kredietbank, de sociale dienst, bij Bureaus Rechtshulp en via de internetsite www.wsnp.rvr.org.

Deze brochure is een uitgave van het ministerie van Justitie en de Raad voor Rechtsbijstand in  's-Hertogenbosch in samenwerking met het ministerie van Sociale Zaken & Werkgelegenheid.

Oktober 2000


 

e-mail: info@advocare.nl
terug naar de foldermolen